Zo, nu eindelijk weer na een aantal weken een berichtje van mij op mijn blog. Inmiddels ben ik al aardig ingeburgerd bij Stichting De Hoop. Op dit moment heb ik introductieweek en ik heb echt al vaak gehad dat mijn hart sneller is gaan kloppen voor het werk.
Dat begint al bij de missie… Spreuken 24:11 zegt; Red degenen, die ter dood gegrepen zijn; want zij wankelen ter doding, zo gij u onthoudt.
Dus als wij niets doen, als wij blijven zitten en onze hand niet uitstrekken zullen er mensen verloren gaan. Mensen die wankelen op het randje… Laten we daarom zulke mensen in de kraag grijpen en dus de mogelijkheid geven om vanuit liefde voor deze mensen er te zijn opdat zij weer uit de put kunnen komen.
Gisterenmorgen hadden we een lezing over het bewustzijn van dat jij en ik het zelf ook hadden kunnen zijn en hoe gaan wij dan, als begeleider, om met de gast? Ik ben er echt bewust van geworden dat het aan geen stand voorbij gaat en dat het allemaal mensen zijn met eigen talenten, gaven en karakter die heel veel hebben meegemaakt. Ze zijn in heel veel dingen teleurgesteld en hebben een overlevingsstrategie aangeleerd die ze nu moeten prijsgeven en mogen beginnen aan een nieuw leven zonder leugens. Hoe gaaf is het dan om mee te werken aan een nieuwe vertrouwensbasis waar vanuit mensen weer kunnen gaan groeien, bloeien en genieten.
Jah, en dan zit ik hier met mijn Commerciële Economie… Toch iets fout gedaan, mijn hulpverlenershart gaat echt weer drie keer zo hard stromen, maar aan de andere kant is dat altijd gebleven en kijk ik er ook erg naar uit van hoe het in de toekomst lopen mag.
1 Korinthe 12:12-31
Een lichaam is een eenheid die uit vele delen bestaat; ondanks hun veelheid vormen al die delen samen één lichaam. Zo is het ook met het lichaam van Christus. Wij zijn allen gedoopt in één Geest en zijn daardoor één lichaam geworden, wij zijn allen van één Geest doordrenkt, of we nu uit het Joodse volk of uit een ander volk afkomstig zijn, of we nu slaven of vrije mensen zijn. Immers, een lichaam bestaat niet uit één deel, maar uit vele. Als de voet zou zeggen: 'Ik ben geen hand, dus ik hoor niet bij het lichaam,' hoort hij er dan werkelijk niet bij? En als het oor zou zeggen: 'Ik ben geen oog, dus ik hoor niet bij het lichaam,' hoort het er dan werkelijk niet bij? Als het hele lichaam oog zou zijn, waarmee zou het dan kunnen horen? Als het hele lichaam oor zou zijn, waarmee zou het dan kunnen ruiken? God heeft nu eenmaal alle lichaamsdelen hun eigen plaats gegeven, precies zoals hij dat wilde. Als ze met elkaar slechts één lichaamsdeel zouden vormen, zou dat dan een lichaam zijn? Het is juist zo dat er een groot aantal delen is en dat die met elkaar één lichaam vormen. Het oog kan niet tegen de hand zeggen: 'Ik heb je niet nodig,' en het hoofd kan dat evenmin tegen de voeten zeggen. Integendeel, juist die delen van het lichaam die het zwakst lijken zijn het meest noodzakelijk. De delen van ons lichaam waarvoor we ons schamen en die we liever bedekken, behandelen we zorgvuldiger en met meer respect dan die waarvoor we ons niet schamen. Die hebben dat niet nodig. God heeft ons lichaam zo samengesteld dat de delen die het nodig hebben ook zorgvuldiger behandeld worden, zodat het lichaam niet zijn samenhang verliest, maar alle delen elkaar met dezelfde zorg omringen. Wanneer één lichaamsdeel pijn lijdt, lijden alle andere mee; wanneer één lichaamsdeel met respect behandeld wordt, delen alle andere in die vreugde. Welnu, u bent het lichaam van Christus en ieder van u maakt daar deel van uit. God heeft in de gemeente aan allerlei mensen een plaats gegeven: ten eerste aan apostelen, ten tweede aan profeten en ten derde aan leraren. Dan is er het vermogen om wonderen te verrichten, de gave om te genezen en het vermogen om bijstand te verlenen, leiding te geven of in klanktaal te spreken. Is iedereen soms een apostel? Of een profeet? Is iedereen een leraar? Kan iedereen wonderen verrichten? Of kan iedereen genezen? Kan iedereen in klanktaal spreken en kan iedereen die uitleggen?
Richt u op de hoogste gaven. Maar eerst wijs ik u een weg die nog voortreffelijker is.
Hoe gaaf is het dat wij, ook als De Hoop zijnde, 1 lichaam vormen waarbij iedereen zijn eigen taak heeft, een eigen functie is. Voor mij is het de komende tijd echt de uitdaging om te gaan kijken wat nu mijn plekje is, waar ik volledig tot mijn recht kom. Niet dat ik op een plaats zit waarbij ik me in bochten zou wringen om me in te passen en waarbij ik dus een veel mooier werk voorbij ga en dus ook mijn doel. Om eerlijk te zijn vind ik dat best wel moeilijk, ik heb hart voor het organiseren en het werken met jongeren maar nu leer ik om een commerciële pipo te zijn (of wat dan ook). Daarbij is mijn opleiding natuurlijk erg breed en kan ik ook super veel richtingen op, maar aan de andere kant heb ik niet echt het idee dat ik hierbij mijn ei écht kwijt kan.
In de komende tijd wil ik daarom echt gaan nadenken van wat mijn passie is, wat mijn talenten zijn en hoe ik die de komende tijd wil ontwikkelen. Daarbij sprak de volgende tekst mij laatst ook erg aan…
Spreuken 16:9
Een mens stippelt zijn weg uit, de Heer bepaalt de richting die hij gaat.
Dus voorlopig is mijn hoofdje weer zoet...
donderdag 20 september 2007
zondag 2 september 2007
Buddies :D
De statistieken laten een onvoorstelbare trend zien… Het Reformatorisch Dagblad meldde dat er iedere maand 400 jongeren tussen de 12 en de 18 de kerk verlaten. Onvoorstelbaar, wat kunnen wij doen om de jongeren betrokken te houden bij de gemeente? Om ze te laten zien dat een leven met God niet saai is, maar juist een grote en waardevolle uitdaging? 100% niet saai toch?
Ik realiseer me de laatste tijd hoe belangrijk het is om er voor de jeugd klaar te staan, het leven is zo dimensionaal. Je hebt als jongeren zoveel keuzes te maken, als je alleen al kijkt naar school-/beroepskeuze, vrienden, kerk ja/nee, muziekkeuze, de verschillende jeugdculturen en ga zo maar door. Dan heb je nog de fijne pubertijd waarin het gewoon zo is dat je overal tegenaan schopt, dat je je grenzen probeert te verleggen (kan je trouwens nagaan dat er tegenwoordig mensen zijn die zeggen dat je geen regels moet geven, maar hoe kan je dan je grenzen verbreden?! Waar gaat de weg dan heen?!) maar ja, het is dus al met al een best fluctuerende tijd.
Als je dan te maken krijgt met bijvoorbeeld rouwverwerking wanneer iemand die om je heen wegvalt, een vriend(-in), een ouder of andere dierbare is het best wel belangrijk dat je ergens je ei kwijt kan. En dat verliezen hoeft niet perse te zijn door een overlijden, maar hoeveel mensen zijn al beschadigd door een relatie die verbreekt, ouders die in de clinch liggen of scheiden en ga zo maar door...
Toen ik naar Zwitserland ging kreeg ik een buddy, iemand die er voor mij was, die voor me klaar stond als ik moeilijkheden had of als ik dingen niet wist, iemand om mij te begeleiden en ik ben ervan overtuigd dat het in het ‘echie’ ook super belangrijk is dat we meer bewogen met elkaar zijn, meer betrokken zodat we van elkaar kunnen leren, we elkaar kunnen ondersteunen en elkaar kunnen motiveren. Gewoon iets minder individualistisch maar werkelijk geïnteresseerd zijn in elkaar.
Ik hoop dat in de komende tijd een nieuwe ontwikkeling gaat komen waarbij jongeren binnen de kerk hierin juist een ander toonbeeld in laten zien, dat we meer om elkaar geven en tijd voor elkaar nemen.
Hebreeën 5:12-14
Werkelijk, u had toch inmiddels allemaal leraar moeten zijn! In plaats daarvan hebt u er zelf een nodig om u opnieuw de grondslagen van het woord van God bij te brengen; het is met u zo ver gekomen dat u weer aangewezen bent op melk in plaats van op vast voedsel. Wie melk drinkt is nog een klein kind en heeft geen weet van de draagwijdte van de verkondigde gerechtigheid. Vast voedsel is voor volwassenen; hun zintuigen zijn door ervaring geoefend en zij zijn in staat onderscheid te maken tussen goed en kwaad.
Ik hoop dat er steeds meer mensen inzien hoe belangrijk het is voor mensen om een goed voorbeeld te hebben, iemand die je op weg kan helpen in je geloof, iemand waar je je vragen en twijfels kwijt kan. Hoe gaaf zal het zijn als we zo elkaar bij kunnen staan en elkaar op kunnen bouwen! Maar ook dat je elkaar op kan dragen in gebed, dat je er voor elkaar kunt zijn om lol te maken maar ook om moeilijke dingen mee te delen.
Ik zeg jah tegen zo’n buddysysteem! :D
Ik las net in het AD een artikel over de ouders van Jesse Dingemans, nu alweer 9 maanden geleden is hij overleden, wat gaat de tijd dan hard. Behalve voor zijn ouders en zusjes, het artikel begon met een citaat van zijn moeder; ‘Soms hoop je dat er een hemel is…’
Wat een zegen is het dat wij mogen weten dat ons leven hier op aarde niet alles is, maar slechts een begin van een eeuwig leven met God. Dat we uit mogen kijken naar de dag dat we thuis mogen komen en voor altijd bij God mogen zijn, daar waar geen pijn en verdriet meer is. Hier op aarde worden we zo vaak geconfronteerd met pijn en verdriet, onverklaarbaar!, maar toch de realiteit. Wat zal God een verdriet hebben over wat de mensen elkaar aandoen, in oorlogen, racisme, moorden en ga zo maar door. Maar ook de natuur, God heeft ons aangesteld als de beheerders van de natuur, en wat doen we ermee?! Waar gaat dit naar toe?! We brengen onszelf in de vernieling, we gaan het langzaamaan realiseren maar veel doen we er nog niet mee…
Ik realiseer me de laatste tijd hoe belangrijk het is om er voor de jeugd klaar te staan, het leven is zo dimensionaal. Je hebt als jongeren zoveel keuzes te maken, als je alleen al kijkt naar school-/beroepskeuze, vrienden, kerk ja/nee, muziekkeuze, de verschillende jeugdculturen en ga zo maar door. Dan heb je nog de fijne pubertijd waarin het gewoon zo is dat je overal tegenaan schopt, dat je je grenzen probeert te verleggen (kan je trouwens nagaan dat er tegenwoordig mensen zijn die zeggen dat je geen regels moet geven, maar hoe kan je dan je grenzen verbreden?! Waar gaat de weg dan heen?!) maar ja, het is dus al met al een best fluctuerende tijd.
Als je dan te maken krijgt met bijvoorbeeld rouwverwerking wanneer iemand die om je heen wegvalt, een vriend(-in), een ouder of andere dierbare is het best wel belangrijk dat je ergens je ei kwijt kan. En dat verliezen hoeft niet perse te zijn door een overlijden, maar hoeveel mensen zijn al beschadigd door een relatie die verbreekt, ouders die in de clinch liggen of scheiden en ga zo maar door...
Toen ik naar Zwitserland ging kreeg ik een buddy, iemand die er voor mij was, die voor me klaar stond als ik moeilijkheden had of als ik dingen niet wist, iemand om mij te begeleiden en ik ben ervan overtuigd dat het in het ‘echie’ ook super belangrijk is dat we meer bewogen met elkaar zijn, meer betrokken zodat we van elkaar kunnen leren, we elkaar kunnen ondersteunen en elkaar kunnen motiveren. Gewoon iets minder individualistisch maar werkelijk geïnteresseerd zijn in elkaar.
Ik hoop dat in de komende tijd een nieuwe ontwikkeling gaat komen waarbij jongeren binnen de kerk hierin juist een ander toonbeeld in laten zien, dat we meer om elkaar geven en tijd voor elkaar nemen.
Hebreeën 5:12-14
Werkelijk, u had toch inmiddels allemaal leraar moeten zijn! In plaats daarvan hebt u er zelf een nodig om u opnieuw de grondslagen van het woord van God bij te brengen; het is met u zo ver gekomen dat u weer aangewezen bent op melk in plaats van op vast voedsel. Wie melk drinkt is nog een klein kind en heeft geen weet van de draagwijdte van de verkondigde gerechtigheid. Vast voedsel is voor volwassenen; hun zintuigen zijn door ervaring geoefend en zij zijn in staat onderscheid te maken tussen goed en kwaad.
Ik hoop dat er steeds meer mensen inzien hoe belangrijk het is voor mensen om een goed voorbeeld te hebben, iemand die je op weg kan helpen in je geloof, iemand waar je je vragen en twijfels kwijt kan. Hoe gaaf zal het zijn als we zo elkaar bij kunnen staan en elkaar op kunnen bouwen! Maar ook dat je elkaar op kan dragen in gebed, dat je er voor elkaar kunt zijn om lol te maken maar ook om moeilijke dingen mee te delen.
Ik zeg jah tegen zo’n buddysysteem! :D
Ik las net in het AD een artikel over de ouders van Jesse Dingemans, nu alweer 9 maanden geleden is hij overleden, wat gaat de tijd dan hard. Behalve voor zijn ouders en zusjes, het artikel begon met een citaat van zijn moeder; ‘Soms hoop je dat er een hemel is…’
Wat een zegen is het dat wij mogen weten dat ons leven hier op aarde niet alles is, maar slechts een begin van een eeuwig leven met God. Dat we uit mogen kijken naar de dag dat we thuis mogen komen en voor altijd bij God mogen zijn, daar waar geen pijn en verdriet meer is. Hier op aarde worden we zo vaak geconfronteerd met pijn en verdriet, onverklaarbaar!, maar toch de realiteit. Wat zal God een verdriet hebben over wat de mensen elkaar aandoen, in oorlogen, racisme, moorden en ga zo maar door. Maar ook de natuur, God heeft ons aangesteld als de beheerders van de natuur, en wat doen we ermee?! Waar gaat dit naar toe?! We brengen onszelf in de vernieling, we gaan het langzaamaan realiseren maar veel doen we er nog niet mee…
Abonneren op:
Posts (Atom)